Materialen toewijzen aan geselecteerde onderdelen
Start
Pro
Omschrijving
De sectie Materiaal op de menubalk van de Werkplaats bevat verschillende onderdelen. Te beginnen met de knop Doorzoek de … database, gevolgd door een materiaallijst en aan de rechterkant de knop VervangMateriaal. Een materiaal wordt alleen aan een onderdeel gekoppeld als er een proces zoals Zagen of CNC aan is toegewezen.
Navigeer snel naar: Materiaaleditor – Panelen of Materiaaleditor – Randen
De materiaallijst
De materiaallijst toont alle materialen die aan onderdelen in het huidige 3D-bestand zijn toegewezen. De lijst kan worden geopend door op de materiaalnaam te klikken of door het kleine pijltje 
Materiaal aanbrengen
Het geselecteerde materiaal uit de materiaallijst wordt toegekend op een geselecteerd onderdeel bij het activeren van de processen Zagen of CNC. Als een onderdeel al een materiaaltoewijzing heeft, schakel dan de processen Zagen en/of CNC eerst even uit en weer in zodat het nieuwe materiaal wordt toegekend.
Gebruikers van Para-Flex Pro/CAM kunnen Keuze uit Materiaallijst automatisch toepassen inschakelen in de Para-Flex Instellingen, zodat een materiaalkeuze uit de lijst direct wordt toegepast op de geselecteerde onderdelen, ongeacht of er al processen op van toepassing zijn.
Via de zoekbalk bovenaan de geopende materiaallijst kan gefilterd worden om zo snel mogelijk het gewenste materiaal te kunnen vinden.
Materiaal Editor – Platen
De materiaal-editor wordt gebruikt om materialen in het huidige 3D-model of de Materiaal-database aan te maken of te bewerken. In de betreffende velden kan alle materiaalinformatie worden toegevoegd (of overschreven).
Plaatmaterialen toevoegen of bewerken
Code
Om een bestaand materiaal te bewerken, dient het code-veld niet aangepast te worden, enkel de andere eigenschappen (behalve de dikte, zie Voorwaarden hieronder). Gebruik Toepassen om de wijzigingen op te slaan.
Om een nieuw materiaal aan te maken, dient het code-veld juist wel aangepast te worden. Naar wens kunnen de andere materiaaleigenschappen worden gewijzigd en de beschikbare plaatafmetingen worden toegevoegd. Klik op Toepassen om de wijzigingen op te slaan in een nieuw materiaal.
De karakters (tekens) en hun positie binnen de code zijn belangrijk omdat ze machines kunnen aansturen, dus werk zorgvuldig bij het werken aan materialen in het 3D-bestand of de database.
De standaard materialendatabase in Para-flex wordt opgebouwd beginnend met drie karakters die het soort materiaal beschrijven en eindigt met de plaatdikte. Deze opbouw wordt aanbevolen om het automatiseren in aansturen van productiemachines te vereenvoudigen. Tussen deze twee eigenschappen kan tekst worden toegevoegd zoals de decorcode en de naam van de leverancier.
Omschrijving
De inhoud van dit veld wordt niet gebruikt voor automatiseringsprocessen en kan dus volledig naar wens worden ingevuld. Een nuttig veld om het materiaal snel te herkennen.
Dikte
Geef de dikte van het materiaal op. Gebruikers van Para-Flex Pro hebben de mogelijkheid om de dikte van een paneel in het 3D model aan te sturen met deze waarde. Dus wanneer er wordt overgeschakeld op een andere materiaaldikte, is deze verandering direct zichtbaar in het IronCAD model (Size box waarde ‘H’).
Nerf
Als een materiaal of decor een nerfrichting bevat, kan deze worden ingesteld op AlongLength. De Optimizer zal panelen in een plaat plaatsen, rekening houdend met de juiste richting. Stel deze waarde in op Geen voor uni-decors zodat de Optimizer panelen 90° mag draaien voor efficienter materiaalgebruik. Zie Voorwaarden hieronder voor meer informatie over het toevoegen van panelen met een dwarsnerf.
Kleur & Texture-bestand
Aan het materiaal kan een kleur en eventueel een textuur worden toegekend om snel een indruk te krijgen van de uitstraling. Para-Flex Pro-gebruikers hebben de mogelijkheid om deze kleur of textuur onmiddellijk op het onderdeel in het 3D-model te zien verschijnen.
Toepassen & Externe database bijwerken
Bij klikken op Toepassen, wordt het nieuwe of gewijzigde materiaal opgeslagen in de ‘lokale database’, die wordt opgeslagen in het huidige bestand van het 3D-model.
Is Externe database bijwerken aangevinkt, dan wordt het materiaal ook opgeslagen in de materiaaldatabase, zodat het in andere ontwerpen of door collega’s kan worden gebruikt.
Automatische naamgeving
Als deze optie is aangevinkt, wordt de Materiaal afmeting naam (zoals te zien in het dialoogvenster Materiaal afmetingen en in de database) automatisch bijgewerkt. Op deze manier wordt de inhoud van het veld Code automatisch overgezet om fouten te voorkomen.
De beschikbare plaatafmetingen van een materiaal kan worden ingevoerd in het dialoogvenster Materiaal afmetingen. Klik op de drie puntjes (…) rechts van het veld met (Verzameling). De ingevoerde plaatafmetingen zullen door de optimalisatie-engine worden gebruikt om de materiaalbehoefte te berekenen.
Plaatafmetingen toevoegen of bewerken
Toevoegen & verwijderen
Voor materiaal moet altijd minstens één plaatformaat beschikbaar hebben. Gebruik de Toevoegen- en Verwijderen-knoppen om een volledige lijst van beschikbare plaatafmetingen te maken. De Toevoegen-knop voegt de ingestelde plaatafmetingen toe aan het materiaal, vanaf dat punt kan de Optimizer de benodigde materialen berekenen.
Omhoog/Omlaag & Zoeken
Een plaatmaat kan omhoog en omlaag worden verplaatst in de lijst met de knoppen Omhoog of Omlaag.
Met Zoeken verschijnt er een zoekveld bovenaan de lijst met items. Nadat je de gewenste tekst hebt ingevoerd, gebruik je de Enter-toets om het zoeken te starten.
Lengte & breedte
De beschikbare plaatafmetingen van het materiaal kunnen in de juiste velden ingevoerd worden. Voor materialen met een nerfrichting dient het Lengte-veld gebruikt te worden voor de oriëntatie. Zie ook Notitie 1 hieronder.
Materiaal afmeting naam
Dit veld, dat in de standaarddatabase ook Board Name wordt genoemd, combineert de Materiaalcode en plaatafmeting. Deze informatie kan gebruikt worden voor het voeden van programma’s voor Enterprise Resource Planning (ERP). Als Automatische materiaalnaamgeving is ingeschakeld, wordt het eerste deel van dit veld bijgewerkt overeenkomstig de materiaalcode. Als dit veld wordt geselecteerd, wordt onmiddellijk het deel met de afmetingen van de naam bijgewerkt, in overeenstemming met de waarden voor breedte en lengte.
Hoeveelheid
Het veld Aantal wordt gebruikt om het optimalisatieproces aan te sturen, zodat het juiste aantal beschikbare platen wordt berekend. Als er verschillende plaatformaten op voorraad zijn, wordt het paneel dat het meest efficiënt gebruikt kan worden het eerst gekozen door het optimalisatieprogramma.
Materiaal kosten
Prijs van een m2 van de geselecteerde plaat, bijvoorbeeld om te worden gebruikt door het optimalisatieproces.
Dikte
Deze waarde kan hier niet worden gewijzigd, maar moet worden ingesteld in het veld Dikte in de Materiaal-editor.
Notitie 1
Materialen met een nerfrichting worden (standaard) alleen ondersteund met de nerfrichting gelijk aan de lengte van een plaat (zogenaamde ‘langsnerf’). Voor materialen met een nerfrichting in de breedte van de plaat plank (de zogenaamde ‘dwarsnerf’), is het handig een ‘liggend’ materiaal aan te maken, verwissel de lengte- en breedtewaarden. Dus de lengte van de korte zijde invoeren in het Lengte-veld en de lengte van de lange zijde in het Breedte-veld.
Tip
In Options > Settings > Para-Flex kan een waarde voor vaste overlengte worden ingesteld. Deze waarde wordt toegepast op alle onderdelen met materiaal dat voldoet aan de criteria van de minimumafmetingen (lengte, breedte en oppervlakte). Handig als je werkt met ruwe/grove maten die naderhand moeten worden schoongezaagd.
Materiaal editor – Kantenband
De materiaaleditor voor kantenband wordt gebruikt om kantenbandmaterialen in het huidige 3D-bestand of de kantenband-database aan te maken of te bewerken. Alle informatie die bij het kantenband hoort, kan worden toegevoegd (of overschreven) in de velden.
Let goed op bij het gebruik van het veld Dikte, omdat dit de paneelafmetingen kan beïnvloeden die terugkomen in zaaglijsten.
Kantafwerkingen toevoegen of bewerken
Code
Om een bestaand kantenbandmateriaal te bewerken, dient het codeveld niet aangepast te worden, enkel de andere eigenschappen. Klik op Toepassen om de wijzigingen op te slaan in het huidige materiaal.
Om een nieuw kantenbandmateriaal te maken, dient het code-veld juist wel aangepast te worden. Naar wens kunnen de andere materiaaleigenschappen worden gewijzigd. Klik op Toepassen om de wijzigingen op te slaan in een nieuw materiaal.
Vergeleken met de materiaalcode van panelen, wordt de code van kantenbandmateriaal niet gebruikt om machines aan te sturen. Dit geeft veel vrijheid om een aangepaste code te maken. Toch is het handig om een standaardformule te gebruiken om de specificaties snel te herkennen.
Omschrijving
Gebruik dit veld om informatie in te voeren over de decorkoppeling van het band.
Dikte
Het veld Dikte kan de fysieke dikte van de kantenband bevatten, die automatisch wordt gereduceerd ten opzichte van de netto paneelmaat. De netto afmetingen zijn gebaseerd op de Sizebox-waardes van de IntelliShapes in IronCAD.
Als er geen rekening moet worden gehouden met de dikte van de kantenband op de geëxporteerde paneelmaten, laat dit veld dan op 0 staan. Dit is vaak het geval omdat er een voorfrees wordt gebruikt voordat de kantenband wordt toegepast.
Als er geen voorfrees wordt gebruikt en er met bruto afmetingen moet worden gewerkt, is het handig om in dit veld de juiste dikte van de kantenband in te vullen.
Weet dat kolommen met bruto waarden getoond kunnen worden in het Data Grid en ook gebruikt kunnen worden in rapporten of geëxporteerde CSV-bestanden. Zie ook Trim waarde hieronder om indien nodig de banddikte te compenseren.
Trim waarde
Het veld Trim waarde geeft een “plus” op de netto afmetingen van een paneel, gerelateerd aan de gespecificeerde zijde. In het geval dat de dikte van het kantenbandmateriaal wordt gebruikt om de juiste bruto afmetingen te krijgen, kan Trim waarde worden ingezet ter compensatie.
Enkele voorbeelden
Trim waarde ingesteld op 0: Geen compensatie op de bruto afmetingen (netto paneelafmeting minus dikte van het kantenbandmateriaal).
Trim waarde ingesteld op -2: Voor kantenbandmateriaal met een dikte ingesteld op 2mm, wordt deze dikte volledig gecompenseerd. Handig als een voorfrees op een kantenbewerkingsmachine de dikte van het band van het paneel verwijdert, zodat de bruto zaagafmetingen gelijk blijven aan de netto afmetingen.
Trim waarde op +5: Het paneel wordt groter aangehouden dan de netto afmetingen, om het naderhand schoon te zagen (bijvoorbeeld na het fineren van het paneel).
Trim waarde op +10mm of +20mm: Handig om ruimte te hebben voor bijvoorbeeld een 45° verstek.
Kleur & Texture bestand
Een kleur en, indien van toepassing, een textuur kunnen worden toegewezen aan het kantenbandmateriaal om een snelle indicatie te krijgen van het uiterlijk. Para-Flex Pro-gebruikers hebben de mogelijkheid om deze kleur of textuur onmiddellijk op het onderdeel in het 3D-model te zien verschijnen. In de Instellingen kan visualisatie van de kantenband worden ingesteld om de kleur te gebruiken die is opgegeven in de database of om dezelfde kleur te gebruiken als het decor van het paneel. Afhankelijk van het gebruikte ERP-programma is het soms beter om deze laatste optie te gebruiken.
Toepassen & Externe database bijwerken
Bij klikken op Toepassen, wordt het nieuwe of gewijzigde materiaal opgeslagen in de ‘lokale database’, die wordt opgeslagen in het huidige bestand van het 3D-model.
Is Externe database bijwerken aangevinkt, dan wordt het materiaal ook opgeslagen in de materiaaldatabase, zodat het in andere ontwerpen of door collega’s kan worden gebruikt.
Notitie 2
Let op dat wijzigingen aan materialen niet worden verwerkt als het materiaal al elders in gebruik is in het model. Pas daarom eerst een alternatief materiaal toe op de betreffende onderdelen en klik op Vernieuw Materiaallijst (op het tabblad Gereedschap) om de materiaallijst op te schonen. Pas vervolgens het materiaal aan en koppel dit dan aan de gewenste onderdelen. Deze stappen zijn nodig om de materialen op te slaan in het document, zolang ze in gebruik zijn in dit document kunnen ze niet worden gewijzigd en worden aanpassingen dus niet verwerkt.
Tip
Een vaste overlengte voor een kantenlijmmachine kan worden ingesteld in Opties> Instellingen> Optimalisatie. De waarde die is ingesteld in het veld Vaste overlengte voor Kantenband (mm) wordt toegevoegd aan de berekening van elke zijde, wat resulteert in een nauwkeurige berekening van de materiaalbehoefte.
Voorwaarden
– Een materiaal kan alleen aan een onderdeel worden toegevoegd als een proces als Zagen of CNC eraan is toegekend.
– Aan een nieuw materiaal moet minimaal één plaatafmeting worden toegevoegd voordat het kan worden opgeslagen.
– De diktewaarde van een bestaand plaatmateriaal kan niet worden gewijzigd. Bewerk indien nodig de bestaande naam en dikte om een nieuw materiaal te maken.



