Automatisch gaten en uitsparingen creëren
Pro
Meer controle over de boorfuncties
Om meer controle te hebben over of Boorvormen in alle of in specifieke secties worden uitgevoerd, kunnen tags worden toegevoegd. In het kort zijn de volgende opties beschikbaar:
| #1 | HWDrill-vormen die “#1” in de naam bevatten, boren enkel in onderdelen binnen dezelfde Assembly. |
| #2 | HWDrill-vormen die “#2” in de naam bevatten, boren enkel in onderdelen buiten de eigen Assembly. |
| _ | Elementen waarvan de naam begint of eindigt met _ worden uitgesloten van boringen. |
| + | HWDrill-vormen waarvan de naam een “+” bevat, boren alsnog in uitgesloten onderdelen (_). |
Standaardwerking van de Boorfunctie
De onderstaande impressies tonen de controls/tags toegepast op dit voorbeeldmodel:
De rode cilinder is het borende element, aangezien deze een IntelliShape HWDrill bevat. Deze cilinder raakt zowel Block 1 en Block 2. Zonder specifieke controls/tags, zorgt de Boorfunctie in Para-Flex voor een model als onderstaand.
Tags
De tags worden toegevoegd aan de naam van de borende Intellishape, of aan de naam van het ondedeel/Part (of Assembly). Op basis van het genoemde model levert dat de onderstaande voorbeelden op. Let er op dat de rode cilinder in het onderstaande voorbeeld iets korter is dan de originele HWDrill-vorm, om de impressie overichtelijk te houden.
Bekijk de onderstaande (uitklapbare) koppen voor meer informatie over de tags.
Het IronCAD-bestand met daarin deze voorbeelden is hier te downloaden (geschikt voor IC2026 en hoger).
Boor enkel binnen de Assembly met "#1"
Als een uitsparing enkel binnen de eigen Assembly (of de bovenliggende/parent Assembly’s) moet worden toegepast, voeg dan “#1” toe aan de naam van deze uitsparing. Onderdelen in andere Assembly’s (zelfs binnen dezelfde parent-Assembly) worden niet door deze boring aangepast.

Block 1 wordt uitgespaard omdat deze zich in dezelfde Assembly bevindt als ‘Drilling Shape’. Block 2 wordt genegeerd, omdat deze buiten de Assembly van ‘Drilling Shape’ geplaatst is.
Boor enkel buiten de Assembly met "#2"
Een HWDrill-vorm met “#2” in de naam, veroorzaakt enkel uitsparingen bij onderdelen die zich buiten de bovenliggende/parent Assembly. Onderdelen binnen de zelfde Assembly als de HWDrill-vorm worden niet aangepast.

Block 1 is not drilled as it is located within in the same Assembly as the Drilling Shape. Block 2 is drilled, because it’s located outside the Assembly of the Drilling Shape.
Voorkom dat onderdelen tijdens het boren worden betrokken
Als een onderdeel/Part moet worden uitgesloten van boringen, begin of eindig dan de naam van dat Part (of de complete Assembly) met een laag streepje ‘_’. Denk bijvoorbeeld aan een raamkozijn dat uit meerdere onderdelen bestaat: Op basis van het kozijn wordt een gat uitgespaard in de wand, maar deze uitsparing moet niet het glas verwijderen. In dit geval kan het onderdeel “Glas” bijvoorbeeld hernoemd worden naar “Glas_” of “_Glas”.

Boren in álle onderdelen met "+"
Als een uitgesloten onderdeel (door ‘_’, zie hierboven) toch een specifieke uitsparing dient te krijgen gebruik dan de tag “+” in de naam van die HWDrill-vorm.

Voorwaarden
- De boorfunctie is alleen beschikbaar voor gebruikers van Para-Flex Pro en hoger.


